Professioneel gebruik

Op deze pagina wil ik voor U een aantal, voor een speciale toepassing gemaakte of aangepaste camera's, beschrijven en (indien mogelijk) laten zien.


Technische camera

Een technische camera wordt gebruikt bij het fotograferen van "moeilijke" plaatjes. We moeten denken aan zeer grote of juist kleine onderwerpen, die zo scherp mogelijk moeten worden afgebeeld. Normaal kun je er met een gewone camera wel een foto van maken, maar meestal komen er technies wat problemen aan te pas, om aan alle bovenstaande eisen te voldoen.
U begrijpt dat zo'n camera dus alom instelbaar moet zijn.
Hieronder een plaatje van een loopbodem camera en U ziet dat deze grote overeenkomsten vertoont met de camera's die we in de begintijd van de fotografie zagen.



Duidelijk zichtbaar is dat bij deze modellen de lensplank en het matglas/de filmhouder in afstand en positie instelbaar zijn over de montagerail. Beide zijn namelijk draaibaar en verschuifbaar in hoogte en breedte.
Hierdoor is de positie en de hoek van zowel het objectief als het matglas, bij belichting hiervoor in de plaats de film, aan te passen. Deze konstruktie biedt het voordeel dat:
.

Er kan op meerdere manieren en dus op "meer" delen van het totaalbeeld scherpgesteld worden.
Er kunnen verschillende objectieven gebruikt worden. Zodat per opname de juiste afbeeldingshoek (en perspectief) bij het onderwerp gekozen kan worden.
Er wordt een groot filmformaat gebruikt. (meestal 4x5 of 8x10 inch.) Hierdoor wordt er meer beeld op een groter oppervlak van de film afgebeeld.
Er kunnen vertekeningen aangebracht of gecorrigeerd worden door deze draaibaarheid. (voorbeeld onthoeken en perspectief manipulatie)

De mogelijkheden om een onderwerp perfekt af te beelden zijn dus allemaal aanwezig. Alleen het fotograferen vergt veel inzet en laat dus geen snelle werkwijze toe.


Macro-fotografie

Soms willen we een foto van een onderwerp maken waarop meer te bekijken is dan alleen met het blote oog zichtbaar is. Anders gezegd willen we een onderwerp net zo groot op het negatief zetten als het in werkelijkheid is.
Zoals we bij de beschrijvingen van lenzen en objectieven gezien hebben is het brandpunt bepalend voor de afbeelding op het negatief. Maar dan gaan we uit van de standaardvoorwaarden die bij onze apparatuur van toepassing zijn.

Deze standaarden laten zich overtreden! De achterlens-unit beeldt immers af op een formaat van 24x36 mm. bij kleinbeeld. Daar is het objectief op ontworpen en dezelfde voorwaarden gelden bij andere filmformaten.
Door het objectief echter verder naar voren te brengen wordt deze afbeeldingsmaatstaf verstoord en blijkt dat we een voorwerp vlak voor de voorlens scherp kunnen afbeelden.
Zoals U op Uw klompen aan kunt voelen zijn er in de handel apparaatjes en gadgets te koop die deze mogelijkheid voor eenieder toegankelijk maken.

Ik heb hier plaatjes bijgezet van tussenringen. Zoals U kunt zien maken deze ringen de afstand tussen de camera en het standaardobjectief groter. Hierdoor kunnen er macro-opnamen worden gemaakt. Zoals U zult begrijpen zijn deze ringen alleen maar toe te passen bij camera's waarbij de scherpstelling nauwkeurig is te maken.

Het steeds wisselen van deze tussenringen maakt het fotograferen er echter niet gemakkelijker op. Vanzelfsprekend werken de ringen goed, maar alleen als er altijd onder dezelfde omstandigheden gewerkt wordt. Makkelijker gaat het met de continu variabele verstelling mogelijkheid van het balg apparaat. Hierdoor is de afstand eenvoudig in te stellen met de versteltandwieltjes. Nadeel is de eigen lengte van het apparaat zelf zodat er altijd een minimale afstand blijft, maar dat is met dit type fotografie niet een echt groot nadeel.
Tot slot nog een plaatje van een balgapparaat in volle glorie. U kunt de verstelknoppen hierop goed zien zitten.



Micro-fotografie

Willen we nog een stapje groter, dan spreken we van micro-fotografie. Hierbij wordt het mogelijk om een onderwerp sterk vergroot op het negatief af te beelden. Eigenlijk spreekt het plaatje voor zich, maar misschien mag ik erop wijzen dat er in de loop der tijd (dit is eigenlijk een oude) andere en vaak eenvoudigere oplossingen gevonden zijn om een camera en een microscoop met elkaar te verbinden.

Tegenwoordig wordt er namelijk met een prisma-systeem een tweede beeld opgeworpen, zodat de microscopist kan zien wat er op de voorwerpstafel gebeurd en hij/zij dus tegelijkertijd kan fotograferen en kijken.
In de huidige laboratoria wordt steeds veelvuldiger gebruik gemaakt van video en digitale camera's voor dit soort opnamen.

Dat er overigens veel licht verloren gaat bij deze vormen van fotografie lijkt me duidelijk. Zoals we weten neemt licht kwadraties af met de afstand en de lichtweg wordt door al dit soort tussenvoegingen vanzelfsprekend steeds langer.

Gelukkig komt het bij zowel macro- als micro-fotografie niet vaak voor dat er, zoals bijvoorbeeld bij sport opnamen, bewegingen bevroren moeten worden. Meestal zal er voldoende tijd zijn om een degelijke opstelling te maken en zal er ook genoeg tijd zijn voor de benodigde belichting. Eventueel kunnen er speciale (snelle) films gebruikt worden.


Terug naar het begin of Kontakt maken via e-mail